Het coronavirus en ons doenvermogen

Toen het kabinet aan de Nederlandse burgers vroeg om zich vanwege het coronavirus allerlei sociale beperkingen op te leggen moest ik meteen aan de marshmallowtest denken. Een kleuter wordt achter een marshmallow gezet met de belofte dat hij er nog één bij krijgt als hij er nog even niet van snoept. Veel kinderen blijken niet te kunnen wachten. Deze test is het leidmotief van de WRR studie “weten is nog geen doen” van een paar jaar geleden.  De studie laat overtuigend zien dat veel mensen niet in staat zijn om in bepaalde situaties tot een rationele gedragslijn te komen. Hun doenvermogen schiet op dat moment tekort. Stress is een belangrijke factor die het doenvermogen doet wegzakken. Vanuit dit inzicht is het niet verwonderlijk dat veel mensen in dit stressvolle coronavirustijdperk op de eerste de beste mooie lentedag zich niet konden houden aan de sociale beperkingen die het kabinet had afgekondigd. Ze zijn allemaal bestraffend toegesproken door diverse ministers, maar heeft dat zin? Of creëert dat een wij-zij denken, met een polariserend effect waar we nog veel last van kunnen krijgen?

Als het ons voorste deel van de hersenen even niet lukt om ons rationeel gedrag op te leggen, domineert het oer-deel van onze hersenen onze gedragingen. Dat oer-deel is ingesteld op twee soorten prikkels: angst voor pijn en behoefte aan genot. Als je mensen hun genot wil onthouden, moet je hun pijnangst aanwakkeren, zou je denken. Het is daarom opvallend dat alle overheidscommunicatie rond het virus vooral bedoeld lijkt te zijn om die angst juist niet op te roepen. Lees maar eens terug hoe geruststellend de eerste berichten waren over hoe goed Nederland was voorbereid op een virusuitbraak, hoe fantastisch ons zorgstelsel was, dat we een ruime capaciteit aan IC-bedden hadden. En we worden inmiddels wel gewaarschuwd dat we een besmettingspiek moeten vermijden, maar zonder enig concreet cijfer over hoe de komende weken zich kunnen gaan ontwikkelen. Zelfs het CPB geeft op 26 maart in het langstdurende economische recessiescenario een minder diep dal voor 2020 dan in het één na zwaarste scenario, zonder dit adequaat te kunnen duiden. Geen paniek zaaien? Geruststellingen helpen vast niet om het gedrag van mensen met een beperkt doenvermogen toch de goede dingen te laten doen. Goed informeren over wat er werkelijk staat te gebeuren, ook als dat heel erg is en angst oproept, mensen gericht ondersteunen in het maken van de goede afweging, zou dat niet beter werken?

Ik ben geen psycholoog of socioloog, maar ik maak mij wel zorgen over de maatschappelijke ontwikkeling bij langdurige sociale beperkingen. Die beperkingen zullen leiden tot verveling, meer stress en minder doenvermogen. Recalcitrant gedrag, openlijk verzet, gewelddadige weerstand. De ervaring leert dat overheden in crisissituaties snel kiezen voor handhaving met de harde hand. Daar wordt de samenleving niet echt beter van. Maar het zal heel veel creativiteit vragen om het gedrag van dat deel van de burgers met een beperkt rationeel handelingsvermogen toch in goede banen te houden. Een opdracht voor ons allemaal.

Leave a Reply